De zittingen van het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg worden zo'n drie weken van tevoren gepubliceerd in deze agenda.
De openbare zittingen van het CTG zijn in het Paleis van Justitie, Prins Clauslaan 60, Den Haag. Wilt u als bezoeker een zitting bijwonen? Standaard is voor bezoekers een aantal plekken beschikbaar. Komt u met een groep? Meld de groep dan van tevoren aan. Dit doet u door een e-mail te sturen aan: CTG@minvws.nl.
Zittingen op maandag 14 september 2026
Zaaknummer
C2026/3164
Partijen
Klager/tandarts
Gemachtigde van tandarts
Mevrouw mr. C.J. van den Ham
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een tandarts. Klager is door de tandarts op consult gezien in verband met een recent afgebroken voortand. Klager verwijt de tandarts weigering van zorgverlening tijdens dit consult en het niet op de juiste wijze doorverwijzen naar een andere tandarts.
RTG Zwolle: De klacht is in alle onderdelen kennelijk ongegrond.
Zaaknummer
C2026/3161
Partijen
Tandarts/klager
Gemachtigde van tandarts
De heer mr. R.J. Peet
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een tandarts. Klager is in 2023 een orthodontische behandeling begonnen in de praktijk waar de tandarts werkzaam is. De tandarts is als supervisor betrokken geweest bij de behandeling van klager. Klager verwijt de tandarts onder andere dat hij onvoldoende supervisie heeft gevoerd over deze behandeling, dat klager niet op de hoogte was van het feit dat er een supervisor betrokken was, dat er een onjuiste en onvolledige diagnose is gesteld en dat er sprake was van een onprofessionele en onzorgvuldige behandeling.
RTG Amsterdam:
verklaart de klacht in al haar onderdelen gegrond;
ontzegt beklaagde de bevoegdheid om, in het register ingeschreven staand, het beroep van tandarts uit te oefenen voor zover deze ziet op het zijn van supervisor en bepaalt dat deze beslissing onmiddellijk van kracht wordt;
schorst de bevoegdheid van beklaagde om de aan de inschrijving in het register verbonden bevoegdheden uit te oefenen voor de duur van één jaar;
beveelt dat deze schorsing niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij het college later anders mocht bepalen omdat beklaagde voor het einde van een proeftijd van twee jaren:
zich schuldig heeft gemaakt aan enig handelen of nalaten dat in strijd is met de goede zorg die hij als tandarts behoort te betrachten, of in strijd is met hetgeen een behoorlijke beroepsbeoefenaar betaamt;
bepaalt dat de proeftijd ingaat op de dag dat deze beslissing onherroepelijk is geworden, bepaalt dat de proeftijd uitsluitend loopt gedurende de periode dat de tandarts in het register is ingeschreven en bevoegd de daaraan verbonden bevoegdheden uit te oefenen;
bepaalt dat deze beslissing, nadat die onherroepelijk is geworden, zonder vermelding van namen of andere herleidbare gegevens in de Nederlandse Staatscourant zal worden bekendgemaakt en ter publicatie zal worden aangeboden aan de tijdschriften Medisch Contact en NT/Dentz.
Zittingen op woensdag 23 september 2026
Zaaknummer
C2026/3175
Partijen
Klager/(destijds) huisarts
Gemachtigde van klager
Mevrouw mr. H.L. Hendriks
Gemachtigde van huisarts
Mevrouw mr. A.W. Hielkema
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een huisarts in een PI. De dochter van klager was gedetineerd in een PI. De huisarts was als huisarts aan de PI verbonden. De huisarts heeft patiënte een aantal keer gezien toen hij inviel voor de vaste huisarts. Klager verwijt de huisarts dat hij:
a) ten onrechte een gevaarlijke combinatie van medicijnen aan patiënte heeft voorgeschreven;
b) patiënte ten onrechte morfine heeft voorgeschreven, gelet op haar morfineverslaving;
c) heeft verzuimd nader onderzoek te doen naar het oedeem in de benen van patiënte.
RTG ’s-Hertogenbosch: verklaart de klacht ongegrond.
Zaaknummer
C2026/3168 & C2026/3185
Partijen
Arts/klager & dezelfde klager/ dezelfde arts
Gemachtigde van klager
Mevrouw mr. H.L. Hendriks
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een arts in opleiding tot forensisch arts. De dochter van klager (hierna: patiënte) verbleef sinds in een Penitentiaire Instelling (PI). Op een ochtend werd zij overleden aangetroffen in haar cel. De arts verrichte de schouw. Klager verwijt de arts dat hij:
a) zonder supervisor de schouw heeft verricht en
b) dat sprake is van een onverklaarbare onzorgvuldigheid in het schouwverslag.
De arts meende dat een andere arts, die bij de schouw aanwezig was, als zijn supervisor optrad. Vaststaat dat dit niet het geval was. In zoverre is de klacht gegrond.
RTG ’s-Hertogenbosch:
- verklaart klachtonderdeel a) gegrond;
- bepaalt dat geen maatregel wordt opgelegd;
- verklaart de klacht voor het overige ongegrond.
Zaaknummer
C2026/3147
Partijen
Klager/huisarts
Gemachtigde van huisarts
Mevrouw mr. A.C.I.J. Hiddinga
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een huisarts. Klager was patiënt in de praktijk van de huisarts. Klager verwijt de huisarts dat zij:
a) klager niet correct heeft doorverwezen naar een psycholoog;
b) geen juiste zorg heeft verleend met betrekking tot zijn fysieke klachten, zoals het weigeren van een verzoek om doorverwijzing naar de neuroloog, en het afwijzen van andere pijnklachten;
c) de behandelrelatie met klager eenzijdig heeft beëindigd door klager zonder zijn toestemming uit te schrijven en zijn dossier over te dragen aan een andere praktijk;
d) klager heeft gedwongen terug te gaan naar de praktijk die hem eerder had gediscrimineerd.
Het RTG oordeelt dat het onzorgvuldig is geweest dat het dossier van klager zonder zijn toestemming is overgedragen. De huisarts is niet persoonlijk betrokken geweest bij de uitschrijving en de overdracht, maar zij is als praktijkhouder wel eindverantwoordelijk. Het RTG begrijpt verder dat deze onterechte uitschrijving een incident is geweest, een eenmalige vergissing van een assistente. Er is lering getrokken uit het incident en de werkwijze is geëvalueerd. Het RTG acht deze maatregelen adequaat. Om die reden is het RTG van oordeel dat er onvoldoende grond is voor een tuchtrechtelijk verwijt.
RTG Amsterdam: De klacht is in al haar onderdelen kennelijk ongegrond.
Zaaknummer
C2026/3135
Partijen
Klager/arts
Gemachtigde van huis)arts
Mw. mr. P.H.N. Keuning-Taapken
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een arts. Klager, verblijvende in een Forensisch Psychiatrisch Centrum wilde een bult op zijn achterhoofd laten verwijderen en is hiervoor in het FPC gezien door de arts. De arts heeft een ingreep gepland om de bult te verwijderen. Tijdens de ingreep was sprake van veel bloedverlies. De arts heeft de ingreep niet kunnen voortzetten als gevolg van het bloedverlies en hij heeft klager daarom, na het hechten van de huid en het stoppen van de bloeding, doorverwezen naar het ziekenhuis. Klager verwijt de arts dat hij mogelijk een foutieve diagnose heeft gesteld en de ingreep niet goed is verlopen.
RTG ’s-Hertogenbosch: verklaart de klacht in al haar onderdelen kennelijk ongegrond.
Zaaknummer
C2026/3149
Partijen
Klager/huisarts
Gemachtigde van huisarts
Mevrouw M.C.W. Houtepen
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een huisarts. Klager verwijt de arts in de penitentiaire inrichting dat hij heeft nagelaten een juiste behandeling in te zetten voor zijn rugklachten. Daarnaast verwijt klager de arts dat hij ten onrechte niet is doorverwezen.
RTG Zwolle: de klacht is in al haar onderdelen kennelijk ongegrond.
Zittingen op woensdag 30 september 2026
Zaaknummer
C2025/3033
Partijen
Klager/psychiater
Gemachtigde van psychiater
Mevrouw mr. drs. E.E. Schmitt-Hoogeterp
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een psychiater. Klager verwijt de psychiater als (eind)verantwoordelijk zorgverlener dat een aantal zorgverleners zijn huis is binnengedrongen zonder zijn toestemming, zonder contact vooraf en zonder aankondiging.
RTG Amsterdam: de klacht is in al haar onderdelen kennelijk ongegrond.
Zaaknummer
C2025/3018
Partijen
Klaagster/psychiater
Gemachtigde van psychiater
Mevrouw mr. A.W. Hielkema
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een psychiater. Klaagster werd verwezen naar de polikliniek Psychiatrie en Medische Psychologie van een ziekenhuis, waar verweerster als psychiater werkzaam is. Klaagster stond ruim een jaar onder behandeling van de psychiater. In die periode vonden meerdere poliklinische contacten plaats en werd klaagster vier keer opgenomen. Klaagster verwijt de psychiater onjuiste behandeling, onjuiste diagnostiek, de afgifte van onjuiste documenten, het eenzijdig beëindigen van de behandelingsovereenkomst, schending van privacywetgeving, schending van zorgvuldige documentatie en schending van haar inspanningsverplichting.
RTG ’s-Hertogenbosch: verklaart de klacht in al haar onderdelen kennelijk ongegrond.
Zaaknummer
C2026/3231
Partijen
klager/psychiater
Gemachtigde van psychiater
Mevrouw mr. M.F. van der Mersch
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een psychiater. De psychiater is werkzaam voor een medisch adviesbureau, waar hij psychiatrische expertises verricht. In het kader van een beroepszaak tussen klager en het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) heeft de Centrale Raad van Beroep (CRvB) de psychiater opdracht gegeven klager te onderzoeken naar zijn psychische gesteldheid. Klager is het niet eens met de procedure van het onderzoek en met het (concept)rapport.
RTG Amsterdam: de klacht is kennelijk ongegrond.
Zaaknummer
C2025/2979
Partijen
Klaagster/plastisch chirurg
Gemachtigde van klaagster
De heer mr. J.H. Weermeijer
Gemachtigde van plastisch chirurg
De heer mr. M.F. Mooibroek
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een plastisch chirurg. Klaagster verwijt de plastisch chirurg dat hij een onjuiste operatie heeft uitgevoerd of de operatie niet zorgvuldig heeft uitgevoerd. Ook wordt geklaagd over de nazorg van de plastisch chirurg aan klaagster. Klaagster heeft dezelfde klacht geformuleerd richting het ziekenhuis waar de plastisch chirurg werkzaam is.
RTG Zwolle: verklaart klaagster niet-ontvankelijk in haar klacht, voor zover gericht tegen het ziekenhuis, verklaart de klacht, voor zover klaagster daarin ontvankelijk is, in al haar onderdelen kennelijk ongegrond.
Zaaknummer
C2026/3258 Herziening
Partijen
Plastisch chirurg
Gemachtigde van plastisch chirurg
Mevrouw J.M. de Vries
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Herziening
Klacht tegen een plastisch chirurg. De plastisch chirurg heeft in 2022 een lipofilling-behandeling bij klaagster uitgevoerd. Deze behandeling bestond uit het op verschillende plaatsen in het gelaat en op de handruggen aanbrengen van lichaamseigen vet. Klaagster is ontevreden over de behandeling en ongelukkig met het resultaat. Zij verwijt de plastisch chirurg onder meer dat hij meer behandelingen heeft voorgesteld en uitgevoerd dan waarvoor zij oorspronkelijk kwam en dat hij deze behandelingen heeft uitgevoerd zonder instemming van de psycholoog. Het Regionaal Tuchtcollege in Amsterdam heeft de klacht ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege is van oordeel dat klachtonderdeel a gegrond is, omdat het in de gegeven omstandigheden onzorgvuldig was om aan klaagster bij het eerste consult meer behandelingen voor te stellen dan waarvoor zij bij de plastisch chirurg kwam. De beslissing van het Regionaal Tuchtcollege wordt op dit onderdeel vernietigd.
De plastisch chirurg verzoekt om een herziening van de uitspraak.
Zittingen op woensdag 7 oktober 2026
Zaaknummer
C2026/3245
Partijen
Huisarts / IGJ
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Verzoek tot herziening van de beslissing van 31 maart 2015 (C2014.273 en C.2014.276) waarbij de huisarts de maatregel van doorhaling van de inschrijving in het BIG-register is opgelegd.
Zaaknummer
C2026/3229
Partijen
Klager/huisarts
Gemachtigde van klager
Mr. J.A.M. van de Sande
Gemachtigde van huisarts
Mr. M.F. Mooibroek
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klager is bij de huisarts geweest vanwege pijn op de borst en hoesten. De huisarts schreef een inhalatiemiddel voor en liet een holteronderzoek doen, waarbij geen bijzonderheden werden gevonden. Vervolgens verwees hij klager voor een fietsergometrie. Voordat deze had plaatsgevonden, is klager door een cardioloog in Turkije gedotterd. Klager verwijt de huisarts dat hij onredelijk lang met een risico van een hartinfarct heeft gelopen en dat zijn herstelproces is vertraagd doordat er geen adequate behandeling heeft plaatsgevonden.
RTG Amsterdam: de klacht is kennelijk ongegrond.
Zaaknummer
C2025/3086
Partijen
Klaagster/neuroloog
Gemachtigde van neuroloog
Mr. F.E.A.M. Tesser
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een neuroloog. De neuroloog heeft klaagster op haar spreekuur gezien, in verband met klachten van dubbelzien en uitvalsverschijnselen en de vraag of sprake zou kunnen zijn van de ziekte van Lyme. De neuroloog verwees klaagster naar de Lyme-polikliniek. Klaagster verwijt de neuroloog dat zij: a) de aanwijzingen voor neuroborreliose niet of onjuist in haar verslag heeft vermeld; b) de wittestofafwijking(en) die zichtbaar waren op de MRI-scan niet heeft toegeschreven aan een Lyme-infectie; c) in de verwijzing naar de Lyme-polikliniek onvolledig is geweest en daarin misleidende informatie heeft opgenomen over radiculopathieën en de MRI-uitslagen, waardoor zij medeverantwoordelijk was voor het foutieve behandelplan dat bij de Lymekliniek is gemaakt.
RTG Zwolle: de klacht is in alle onderdelen kennelijk ongegrond.
Zaaknummer
C2025/3087
Partijen
Dezelfde klaagster/neuroloog
Gemachtigde van neuroloog
Mr. F.E.A.M. Tesser
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een neuroloog. Klaagster is door de huisarts verwezen naar de afdeling neurologie van het ziekenhuis waar de neuroloog werkzaam is. Klaagster is hier onderzocht door een arts-assistent onder supervisie van de neuroloog en door de neuroloog zelf. Klaagster verwijt de neuroloog (kort gezegd) dat zij: onvoldoende onderzoek heeft gedaan, ondermaatse supervisie heeft gegeven, klaagster niet serieus heeft genomen en onvoldoende onderzoek heeft uitgevoerd.
RTG Zwolle: de klacht is in alle onderdelen kennelijk ongegrond.
Zaaknummer
C2025/3088
Partijen
Dezelfde klaagster/radioloog
Gemachtigde van radioloog
Mr. F.E.A.M. Tesser
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen radioloog. In maart 2023 werden na verwijzing door een neuroloog MRI-scans van de hersenen van klaagster gemaakt. Een collega-radioloog beoordeelde de scans en maakte daarvan een verslag. Klaagster had bedenkingen bij de beoordeling van de MRI-scan. Zij vermoedde neuroborreliose (ziekte van Lyme). Na een gesprek met de collega-radioloog en een collega-neuroradioloog werd het verslag niet aangepast. Klaagster verwijt de radioloog onder meer dat hij onzorgvuldig is omgesprongen met een onvolledige en deels onjuiste aanvraag voor een MRI en na bespreking en ondanks herhaald verzoek het MRI-verslag niet heeft aangepast.
RTG Zwolle: de klacht is in al haar onderdelen kennelijk ongegrond.
Zaaknummer
C2025/3089
Partijen
Dezelfde klaagster/radioloog
Gemachtigde van radioloog
Mr. F.E.A.M. Tesser
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen radioloog. In maart 2023 werden na verwijzing door een neuroloog MRI-scans van de hersenen van klaagster gemaakt. Een collega-radioloog beoordeelde de scans en maakte daarvan een verslag. Klaagster had bedenkingen ten aanzien van de verslaglegging van de MRI-scan. Zij vermoedde neuroborreliose (ziekte van Lyme). Na een gesprek met de collega-radioloog en met de radioloog werd het verslag niet aangepast. Klaagster verwijt de radioloog onder meer dat hij onzorgvuldig is omgesprongen met een onvolledige en deels onjuiste aanvraag voor een MRI en na bespreking en ondanks herhaald verzoek het MRI-verslag niet heeft aangepast.
RTG Zwolle: de klacht is in al haar onderdelen kennelijk ongegrond.
Zaaknummer
C2025/3090
Partijen
Dezelfde klaagster/radioloog
Gemachtigde van radioloog
Mr. F.E.A.M. Tesser
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen radioloog. In maart 2023 werden na verwijzing door een neuroloog MRI-scans van de hersenen van klaagster gemaakt. De radioloog beoordeelde de scans en maakte daarvan een verslag. Klaagster had bedenkingen ten aanzien van de verslaglegging van de MRI-scan. Zij vermoedde neuroborreliose (ziekte van Lyme). Klaagster verwijt de radioloog dat er niet adequaat is gecommuniceerd met de aanvragend neuroloog, waardoor een onbruikbare uitslag werd gegeven. Klaagster verwijt de neuroloog verder dat na bespreking en ondanks herhaald verzoek het MRI‑verslag niet is aangepast.
RTG Zwolle: de klacht is in al haar onderdelen kennelijk ongegrond.
Zaaknummer
C2026/3327
Partijen
Klaagster/MDL-arts
Gemachtigde van MDL-arts
Mr. S.J. Muntinga
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klaagster verwijt de MDL-arts dat zij de behandeling van haar ziekte van Crohn ten onrechte heeft beëindigd, onvoldoende heeft meegewerkt aan de voortzetting van de zorg, onvolledige informatie aan de huisarts heeft verstrekt en onvoldoende gehoor heeft gegeven aan haar verzoeken tot behandelafspraken.
Voorzitter RTG ’s-Hertogenbosch: verklaart klaagster kennelijk niet-ontvankelijk in de klacht wegens misbruik van tuchtrecht.
Zaaknummer
C2026/3328
Partijen
Dezelfde klaagster/MDL-arts
Gemachtigde van MDL-arts
Mr. S.J. Muntinga
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klaagster verwijt de MDL-arts – kort gezegd - dat zij onvoldoende heeft gereageerd op haar zorgen over de vermelding van opiaten in haar medisch dossier, geen gehoor heeft gegeven aan haar verzoeken om angst voor toediening van morfine weg te nemen en voorafgaand aan een operatie niet adequaat op haar signalen en verzoeken heeft gereageerd.
Voorzitter RTG ’s-Hertogenbosch: verklaart klaagster kennelijk niet-ontvankelijk in de klacht wegens misbruik van tuchtrecht.
Zaaknummer
C2026/3329
Partijen
Dezelfde klaagster/MDL-arts
Gemachtigde van MDL-arts
Mr. S.J. Muntinga
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klaagster verwijt de MDL-arts – kort gezegd – dat zij onvoldoende heeft gewaarborgd dat aan klaagster geen morfinepreparaten worden toegediend, waardoor volgens klaagster geen sprake is van goede en veilige zorg.
Voorzitter RTG ’s-Hertogenbosch: verklaart klaagster kennelijk niet-ontvankelijk in de klacht wegens misbruik van tuchtrecht.
Zaaknummer
C2026/3330
Partijen
Dezelfde klaagster/MDL-arts
Gemachtigde van MDL-arts
Mr. S.J. Muntinga
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een MDL-arts. Klaagster verwijt de MDL-arts – kort gezegd – dat zij de behandelrelatie op onjuiste gronden heeft beëindigd en zonder toestemming van klaagster contact heeft gehad met andere artsen en ziekenhuizen ondanks een verstoorde vertrouwensrelatie.
Voorzitter RTG ’s-Hertogenbosch: verklaart klaagster kennelijk niet-ontvankelijk in de klacht wegens misbruik van tuchtrecht.
Zaaknummer
C2026/3318
Partijen
Dezelfde klaagster als in zaken C2026/3086, 3087, 3088, 3089 en 3090 /MDL-arts
Gemachtigde van MDL-arts
Mr. S.J. Muntinga
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Verzetzaak. Klacht tegen een MDL-arts. Klaagster verwijt de MDL-arts – kort gezegd – dat zij de behandelrelatie op onjuiste gronden heeft beëindigd en zonder toestemming van klaagster contact heeft gehad met andere artsen en ziekenhuizen ondanks een verstoorde vertrouwensrelatie.
De voorzitter van het Regionaal Tuchtcollege ’s-Hertogenbosch heeft klaagster kennelijk niet-ontvankelijk in de klacht verklaard wegens misbruik van tuchtrecht.
De voorzitter van het Centraal Tuchtcollege wijst het beroep van klaagster af nu dit niet kan leiden tot een andere beslissing dan het Regionaal Tuchtcollege. Klaagster heeft tegen deze beslissing verzet ingesteld.
Zittingen op woensdag 14 oktober 2026
Zaaknummer
C2026/3150
Partijen
Bedrijfsarts / klager
Gemachtigde van klager
Mr. A. Willemsen
Gemachtigde van bedrijfsarts
Mr. L. Boor
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een bedrijfsarts. Klager heeft regelmatig contacten gehad bij de bedrijfsarts. Na één van de consulten heeft de bedrijfsarts informatie die klager hem verstrekte, verteld aan de casemanager, die deze vervolgens heeft doorgegeven aan de werkgever. Dat is daarna in een arbeidsgeschil tegen klager gebruikt.
RTG Amsterdam: verklaart klachtonderdeel a. en b. gegrond, legt de bedrijfsarts de maatregel op van waarschuwing, verklaart de klacht voor het overige ongegrond, bepaalt dat deze beslissing, nadat die onherroepelijk is geworden, zonder vermelden van namen of andere herleidbare gegevens in de Nederlandse Staatscourant zal worden bekendgemaakt en ter publicatie zal worden aangeboden aan tijdschriften Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Medisch Contact en Tijdschrift voor Bedrijfs-en Verzekeringsgeneeskunde.
Zaaknummer
C2026/3170
Partijen
Klager/verzekeringsarts
Gemachtigde van klager
Mr. Y. van der Linden
Gemachtigde van verzekeringsarts
Mr. A.B. Schippers
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Bij een herbeoordeling van de gezondheidstoestand van klager door een primaire verzekeringsarts is deze tot de conclusie gekomen dat klager per week vijf dagen van zeven uur kon werken. Klager heeft bezwaar gemaakt tegen de mede op die conclusie gebaseerde beslissing van het UWV om klager geen WIA-uitkering toe te kennen. In bezwaar heeft de verzekeringsarts de gezondheidstoestand van klager opnieuw beoordeeld en heeft de conclusie van de primaire verzekeringsarts bevestigd. Klager is het niet eens met die conclusie en verwijt de verzekeringsarts – onder meer – dat hij onvoldoende zorgvuldig onderzoek heeft gedaan en op grond van de beschikbare informatie in redelijkheid niet tot zijn conclusie heeft kunnen komen.
RTG Amsterdam: verklaart de klacht deels gegrond en legt de verzekeringsarts de maatregel op van waarschuwing en bepaalt dat deze beslissing geanonimiseerd in de Nederlandse Staatscourant zal worden bekendgemaakt en ter publicatie aan twee tijdschriften zal worden aangeboden; veroordeelt de verzekeringsarts in de kosten van klager.
Zaaknummer
C2026/3232
Partijen
Klager/bedrijfs- en verzekeringsarts
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klager is sinds 2012 arbeidsongeschikt voor zijn werk. Hij stelt dat hij in de uitoefening van zijn werkzaamheden een burn-out heeft gekregen wat tot zijn arbeidsongeschiktheid heeft geleid, en dat dit een rechtstreeks gevolg is van de werkomstandigheden. Klager startte later een civiele procedure tegen (de verzekeraar van) zijn werkgever. In het kader van deze procedure stelde de bedrijfsarts een medisch advies op. Klager verwijt de bedrijfsarts, samengevat, dat dit advies onzorgvuldig tot stand is gekomen.
RTG Zwolle: verklaart de klacht kennelijk ongegrond.
Zaaknummer
C2025/3106
Partijen
Klager/orthopedisch chirurg
Gemachtigde van orthopedisch chirurg
Mr. C.J. van den Ham
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klager heeft na een verkeersongeval klachten aan zijn linkerheup. De chirurg heeft in het kader van een door klager gevoerde letselschadeprocedure een (deskundigen)onderzoek verricht en rapport uitgebracht. De in de rapportage van de chirurg opgenomen conclusie is dat er wel sprake is van beperkingen aan de heup maar dat het onwaarschijnlijk is dat deze het gevolg zijn van het ongeval. Klager is het niet eens met de rapportage en met de wijze van totstandkoming ervan en meent dat de conclusie van de chirurg is gebaseerd op een gebrekkig onderzoek.
RTG Zwolle: verklaart de klacht ongegrond.
Zittingen op woensdag 28 oktober 2026
Zaaknummer
C2025/2923
Partijen
Klaagster/arts
Gemachtigde van arts
Mr. D. Zwartjens
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klaagster is eind 2021 opgenomen geweest in het ziekenhuis in verband met respiratoire insufficiëntie bij een covid-infectie. Als gevolg van een complicatie na het inbrengen van een arterielijn in de rechteronderarm, heeft klaagster een spoedoperatie moeten ondergaan. Er is blijvende schade aan de rechterduim ontstaan. De arts heeft de arterielijn geplaatst. Klaagster verwijt de arts dat hij niet naar de wens van klaagster om niet in haar rechterarm te worden geprikt heeft geluisterd en signalen over het niet goed zitten van de arterielijn heeft genegeerd en dat hij vanwege het sneuvelen van twee eerdere arterielijnen er een specialist bij had moeten vragen, maar dat niet heeft gedaan.
RTG Amsterdam: De klacht is in al haar onderdelen kennelijk ongegrond.
Zaaknummer
C2025/3023
Partijen
Klaagster (dezelfde als in zaak C2025/2923)/arts
Gemachtigde van arts
Mr. D. Zwartjens
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klaagster is met ernstige covid-klachten opgenomen in het ziekenhuis. Tijdens de opname ontstonden toenemende klachten aan de hand door een stolsel in haar arm. Na operatieve verwijdering van het stolsel is necrose in de duim ontstaan. Klaagster verwijt de arts dat hij onverwacht aan haar bed de mededeling heeft gedaan dat haar duim geamputeerd moest worden. Door deze – bovendien onjuiste – mededeling is zij getraumatiseerd geraakt.
RTG Amsterdam: De klacht is kennelijk ongegrond.
Zaaknummer
C2025/3024
Partijen
Dezelfde klaagster/arts
Gemachtigde van arts
Mr. C. Velink
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klaagster is met ernstige Covid-klachten opgenomen in het ziekenhuis. Na operatieve verwijdering van een stolsel in haar arm is necrose in de duim ontstaan. Klaagster verwijt de arts dat zij niet ingreep toen een arts‑assistent in haar bijzijn tegen klaagster zei dat haar duim geamputeerd moest worden. Door deze – bovendien onjuiste – mededeling is zij getraumatiseerd geraakt.
RTG Amsterdam: De klacht is kennelijk ongegrond.
Zaaknummer
C2026/3234
Partijen
Klaagster/reumatoloog
Gemachtigde van klaagster
Mr. L. Boor
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klaagster is in 2020 door haar huisarts verwezen naar de reumatoloog in verband met een verdenking op een ontsteking van het bloedvat aan de zijkant van haar hoofd (reuscelarteriitis). De huisarts had Prednisolon voorgeschreven. In het ziekenhuis is klaagster door zowel de reumatoloog als een neuroloog onderzocht en is nader onderzoek gedaan. Daarna is klaagster onder behandeling gebleven van de reumatoloog. Later dat jaar bleek dat zich bij klaagster verschillende complicaties hadden gemanifesteerd die verband zouden kunnen houden met de bijwerkingen van Prednisolon. Klaagster verwijt de reumatoloog onder meer dat zij te lang en in een te hoge dosering Prednisolon heeft voorgeschreven en dat zij klaagster onvoldoende fysiek heeft gezien.
RTG Amsterdam: verklaart de klacht ongegrond en bepaalt dat deze beslissing in geanonimiseerde vorm in de Nederlandse Staatscourant zal worden bekendgemaakt.
Zaaknummer
C2026/3278
Partijen
IGJ/fysiotherapeut
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Naar aanleiding van een melding van een patiënte van de fysiotherapeut over geweld in de zorgrelatie, heeft de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd onderzoek verricht. Op basis hiervan is door de inspectie geconcludeerd dat sprake was van seksueel grensoverschrijdend gedrag, waarna de inspectie deze tuchtklacht heeft ingediend.
RTG Zwolle: verklaart de klacht gegrond en legt de fysiotherapeut de maatregel van schorsing van de inschrijving in het BIG-register als fysiotherapeut op voor de duur van een jaar, maar bepaalt dat deze slechts ten uitvoer wordt gelegd indien de fysiotherapeut binnen een periode van twee jaren na het onherroepelijk worden van deze uitspraak opnieuw tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld en voorts onder een aantal nader omschreven bijzondere voorwaarden.