De zittingen van het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg worden zo'n drie weken van tevoren gepubliceerd in deze agenda.
De openbare zittingen van het CTG zijn in het Paleis van Justitie, Prins Clauslaan 60, Den Haag. Wilt u als bezoeker een zitting bijwonen? Standaard is voor bezoekers een aantal plekken beschikbaar. Komt u met een groep? Meld de groep dan van tevoren aan. Dit doet u door een e-mail te sturen aan: CTG@minvws.nl.
Zitting op woensdag 4 februari 2026
Zaaknummer
C2025/2911
Partijen
tandarts / klaagster
Gemachtigde van beklaagde
mr. M.F. Mooibroek
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een tandarts. Klaagster is ontevreden over de behandeling van de tandarts. Zij maakt de tandarts verschillende verwijten over de behandeling van de kroon in het gebit van klaagster en over nalatigheden bij het bijhouden van het dossier. De klacht hangt samen met twee andere klachten van klaagster, gericht tegen twee andere tandartsen van de praktijk van de tandarts.
RTG Amsterdam:
Verklaart de klacht gegrond, legt aan de tandarts de maatregel van waarschuwing op, bepaalt dat deze beslissing, nadat die onherroepelijk is geworden, zonder vermelding van namen of andere herleidbare gegevens in de Nederlandse Staatscourant zal worden bekendgemaakt en ter publicatie zal worden aangeboden aan de tijdschriften TandartsPraktijk en NT/Dentz.
Zaaknummer
C2025/2949
Partijen
Tandarts / klager
Gemachtigde klager
Mr. J.P. Plasman en mr. E.E. Schmitt-Hoogeterp
Gemachtigde beklaagde
Mr. L.H.E. Drenthe
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Verzoek tot herziening van de beslissing van 26 mei 2025 in de zaak C2024/2411 door de tandarts.
Zaaknummer
C2025/2833
Partijen
Klager / tandarts (zelfde partijen als in zaak C2025/2949)
Gemachtigde klager
Mr. L.H.E. Drenthe
Gemachtigde beklaagde
Mr. J.P. Plasman
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een tandarts. Klager en de beklaagde tandarts zijn tandarts in dezelfde plaats. De verhoudingen tussen beide tandartsen zijn al jaren ernstig verstoord en er zijn over en weer al diverse procedures gevoerd, waaronder meerdere tuchtrechtelijke procedures. Klager verwijt de tandarts (1) ernstig oncollegiaal gedrag, door klagers naam in een krantenartikel te verbinden aan een uitspraak van het Regionaal Tuchtcollege en de uitspraak aan collega’s te zenden en door het indienen van vele klachten bij diverse instanties en het doen van ongegronde aangifte van valsheid in geschrifte en (2) de weigering om patiëntendossiers te verstrekken als de patiënt daarom vraagt.
RTG Zwolle:
Verklaart klachtonderdeel 2 gegrond; bepaalt dat aan de tandarts geen maatregel wordt opgelegd;
Verklaart de klacht voor het overige ongegrond.
Zaaknummer
C2025/2841
Partijen
Klager / tandarts (zelfde tandarts als in zaken C2025/2949 en C2025/2833)
Gemachtigde klagers
Mr. L.H.E. Drenthe
Gemachtigde beklaagde
Mw. mr. E.E. Schmitt-Hoogeterp
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een tandarts. Klaagster is een voormalig patiënt van de tandarts. De klacht bestaat uit de klachtonderdelen a t/m p. Klaagster klaagt onder meer over de gang van zaken bij het verstrekken van haar patiëntendossier, de kwaliteit van de door de tandarts verleende zorg en de dossiervoering.
RTG Zwolle:
Verklaart de klachtonderdelen l) en o) gegrond en klachtonderdeel c) gedeeltelijk gegrond, zoals overwogen onder 5.6 en 5.7;
Bepaalt dat aan de tandarts geen maatregel wordt opgelegd; verklaart de klacht voor het overige ongegrond.
Zitting op woensdag 11 februari 2026
Zaaknummer
C2025/2980
Partijen
Klaagster / huisarts
Gemachtigde beklaagde
Mw. mr. A.C.I.J. Hiddinga
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een huisarts. De moeder van klaagster (hierna: patiënte) was onder behandeling bij de huisarts. Patiënte was bekend met onder andere diabetes en een hoge bloeddruk. Klaagster verwijt de huisarts, samengevat, dat hij onvoldoende adequaat heeft gereageerd op de klachten van patiënte en haar onvoldoende zorg heeft verleend, waardoor zij uiteindelijk een hersenbloeding heeft gekregen.
RTG Zwolle:
Verklaart de klacht kennelijk ongegrond.
Zaaknummer
C2025/2836
Partijen
Klaagster / huisarts
Gemachtigde beklaagde
Mw. mr. A.F. Maatje
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een huisarts. Klaagster is wegens pensionering van haar vaste huisarts per 1 juli 2022 ingeschreven als patiënt bij de huisartsenpraktijk van de huisarts die het patiëntenbestand overnam. Klaagster was het daar niet mee eens vanwege de grotere afstand van de praktijk tot haar woning. Het bleek niet mogelijk te zijn om klaagster aan een andere huisarts over te dragen. Klaagster had in 2023 en 2024 meerdere malen contact met de huisartsenpraktijk voor verschillende hulpvragen. Zij is niet tevreden met de zorg die zij heeft ontvangen. Zo zou de huisarts onder andere haar zorgplicht niet zijn nagekomen, onzorgvuldig beleid voeren, slechte service verlenen en medicatie hebben geweigerd.
RTG Zwolle:
Verklaart de klacht is in al haar onderdelen kennelijk ongegrond.
Zaaknummer
C2025/2722
Partijen
Klager / bedrijfsarts
Gemachtigde klager
Mr. J.H. Weermeijer
Gemachtigde beklaagde
Mr. dr. L.A.P. Arends
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een bedrijfsarts. Klager heeft zich bij zijn werkgever ziekgemeld na een auto-ongeval. De bedrijfsarts heeft de verzuimbegeleiding van klager op zich genomen. Klager verwijt de bedrijfsarts dat zij de re-integratie van klager niet (goed) heeft begeleid, geen eigen onderzoek heeft gedaan, medische gegevens van klager met zijn werkgever heeft besproken terwijl zij daarvoor geen toestemming had gekregen, niets heeft gedaan met de bevindingen van de psycholoog van klager en de dreiging van de werkgever met een loonstop en onterecht een arbeidsconflict als oorzaak van de arbeidsongeschiktheid heeft aangemerkt.
RTG ’s-Hertogenbosch:
Verklaart de klacht in al haar onderdelen kennelijk ongegrond.
Zaaknummer
C2025/2868
Partijen
Klager / bedrijfsarts
Gemachtigde beklaagde
Mr. W.A.M. Rupert
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen bedrijfsarts. Klager heeft zich in het voorjaar van 2014 ziekgemeld bij zijn werkgever. Hij was op dat moment opgenomen op een gesloten psychiatrische afdeling. Daarna was hij een aantal maanden opgenomen op de open afdeling. De bedrijfsarts werd verantwoordelijk voor de begeleiding van klager. Klager verwijt de bedrijfsarts dat hij: a) zich niet autonoom en onafhankelijk heeft opgesteld, b) niet de richtlijnen heeft gevolgd die gelden voor het diagnosticeren van een beroepsziekte.
RTG Amsterdam:
Verklaart klachtonderdeel b) gegrond, verklaart de klacht voor het overige ongegrond en bepaalt dat geen maatregel wordt opgelegd.
Zaaknummer
C2025/2871
Partijen
Klager / arts (destijds aio bedrijfsarts)
Gemachtigde beklaagde
Mw mr. A.C. de Die
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen bedrijfsarts in opleiding. Klager is sinds medio 2022 werkzaam als accountmanager bij een bedrijf. Hij heeft zich in juni 2023 ziekgemeld wegens spannings- en paniekklachten ten gevolge van een pestsituatie op het werk. De bedrijfsarts in opleiding heeft klager in zijn ziekteverzuimperiode onder supervisie begeleid. Tegen de supervisor is ook een tuchtklacht ingediend. Klager verwijt de bedrijfsarts in opleiding – onder meer – het niet tijdig herkennen en behandelen van PTSS, een onveilige reïntegratieomgeving, een onjuiste inschatting van belastbaarheid, het forceren van mediation ondanks contra-indicaties, summiere en onvoldoende rapportages en het langdurig uitblijven van actie.
RTG Amsterdam:
Verklaart de klacht ongegrond; bepaalt dat deze beslissing, nadat die onherroepelijk is geworden, zonder vermelding van namen of andere herleidbare gegevens in de Nederlandse Staatscourant zal worden bekendgemaakt en ter publicatie zal worden aangeboden aan het Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde.
Zaaknummer
C2025/2872
Partijen
Klager (zelfde klager als in zaak C2025/2871) / bedrijfsarts
Gemachtigde beklaagde
Mw. mr. drs. A. Dekker
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen bedrijfsarts. Klager is sinds medio 2022 werkzaam als accountmanager bij een bedrijf. Hij heeft zich in juni 2023 ziekgemeld wegens spannings- en paniekklachten ten gevolge van een pestsituatie op het werk. De bedrijfsarts is de supervisor van de arts in opleiding tot bedrijfsarts die klager in zijn ziekteverzuimperiode heeft begeleid. Klager stelt dat de bedrijfsarts heeft toegelaten dat de bedrijfsarts in opleiding hem niet goed heeft begeleid door foutieve inschatting van de klachten en het niet of verkeerd inzetten van interventies waardoor de klachten zijn verergerd. Meer in het bijzonder verwijt klager de bedrijfsarts dat hij als supervisor zijn verantwoordelijkheden niet heeft genomen. Tegen de bedrijfsarts in opleiding is ook een tuchtklacht ingediend.
RTG Amsterdam:
Verklaart de klacht ongegrond; bepaalt dat deze beslissing, nadat die onherroepelijk is geworden, zonder vermelding van namen of andere herleidbare gegevens in de Nederlandse Staatscourant zal worden bekendgemaakt en ter publicatie zal worden aangeboden aan het Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde.
Zitting op maandag 16 februari 2026
Zaaknummer
C2025/2861
Partijen
Klager / chirurg
Gemachtigde beklaagde
Mw. mr. S.J. Muntinga
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een chirurg. Na een fietsongeluk belandde klager in het ziekenhuis met een kniebreuk. De chirurg opereerde klager aan zijn knie. Na de operatie ging klager voor revalidatie naar een zorgpension. Twee weken later werd klager met spoed in het ziekenhuis opgenomen en werd bij hem trombose in het geopereerde been en in de longen (ruiterembolus), en een herseninfarct vastgesteld. Klager vindt onder andere dat hij geen goede zorg van verweerder heeft gekregen door onvoldoende voorzorgsmaatregelen te treffen om trombose te voorkomen en hem niet goed voor te lichten over trombose als mogelijke complicatie.
RTG Zwolle:
Verklaart de klacht ongegrond; bepaalt dat deze beslissing, nadat die onherroepelijk is geworden, zonder vermelding van namen of andere herleidbare gegevens in de Nederlandse Staatscourant zal worden bekendgemaakt en ter publicatie zal worden aangeboden aan het Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Gezondheidszorg Jurisprudentie en Medisch Contact.
Zaaknummer
C2025/2832
Partijen
Klaagster / chirurg
Gemachtigde beklaagde
Mw. mr. H.J.C. Smink
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een chirurg. De chirurg heeft bij klaagster een buikwandoperatie gedaan in verband met een littekenbreuk. Klaagster verwijt de chirurg – samengevat – dat zij:
a) onvoldoende informatie heeft gegeven over de buikwandreconstructie, de procedure, de risico’s en eventuele alternatieven en dat zij heeft onvoldoende informatie gegeven over wie de eerste incisie zou doen. Klaagster heeft geen (schriftelijke) toestemming gegeven aan de chirurg om haar te opereren;
b) voor en na de operatie niet met klaagster heeft gesproken;
c) tijdens de operatie de vitale en gezonde spieren heeft doorgesneden en de navel heeft weggesneden. Klaagster heeft nu chronisch ondragelijke pijn, haar maag is uitgezet en ze heeft een uitgerekte buikwand.
RTG Amsterdam:
Verklaart de klacht kennelijk ongegrond.
Zaaknummer
C2025/2791
Partijen
Klaagster (zelfde klaagster in zaken C2025/2792, 2802 en 2804) / arts
Gemachtigde beklaagde
Mw. mr. M.F. van der Mersch
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een arts. Klaagster heeft een klacht ingediend over de zorg die aan haar moeder is verleend tijdens haar opname in een woonzorgcentrum. Zij is kort gezegd niet tevreden over de zorg die haar moeder kreeg, de medicatie die werd ingesteld en de medische behandeling wat betreft de benauwdheid van haar moeder. De arts was de behandelend arts van de moeder van klaagster.
RTG Amsterdam:
Verklaart de klacht in al haar onderdelen kennelijk ongegrond.
Zaaknummer
C2025/2792
Partijen
Klaagster (zelfde klaagster in zaken C2025/2791, 2802 en 2804) / specialist ouderengeneeskunde
Gemachtigde beklaagde
Mw. mr. M.F. van der Mersch
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een specialist ouderengeneeskunde. Klaagster heeft een klacht ingediend over de zorg die aan haar moeder is verleend tijdens haar opname in een woonzorgcentrum. Zij is kort gezegd niet tevreden over de zorg die haar moeder kreeg, de medicatie en de medische behandeling.
RTG Amsterdam:
Verklaart de klacht in al haar onderdelen kennelijk ongegrond.
Zaaknummer
C2025/2802
Partijen
Klaagster (zelfde klaagster in zaken C2025/2791, 2792 en 2804) / internist
Gemachtigde beklaagde
Mr. M.F. Mooibroek
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Verzetzaak. Klacht tegen een internist. Klaagster heeft een klacht ingediend over de behandeling van haar moeder voor borstkanker met uitzaaiingen. Het Regionaal Tuchtcollege te Amsterdam heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. De voorzitter van het Centraal Tuchtcollege wijst het beroep van klaagster af nu dit niet kan leiden tot een andere beslissing dan het Regionaal Tuchtcollege. Klaagster heeft tegen deze beslissing verzet ingesteld.
Zaaknummer
C2025/2804
Partijen
Klaagster (zelfde klaagster in zaken C2025/2791, 2792 en 2802) / destijds AIOS internist
Gemachtigde beklaagde
Mr. M.F. Mooibroek
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Verzetzaak. Klacht tegen een internist-oncoloog. Klaagster heeft een klacht ingediend over de behandeling van haar moeder voor borstkanker met uitzaaiingen. Het Regionaal Tuchtcollege te Amsterdam heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. De voorzitter van het Centraal Tuchtcollege wijst het beroep van klaagster af nu dit niet kan leiden tot een andere beslissing dan het Regionaal Tuchtcollege. Klaagster heeft tegen deze beslissing verzet ingesteld.
Zitting op maandag 23 februari 2026
Zaaknummer
C2025/2875
Partijen
Klaagster / huisarts
Gemachtigde klaagster
Mw. mr. N.D. ’t Zand
Gemachtigde beklaagde
Mw. mr. C.J. van den Ham
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een huisarts. Patiënte heeft een psychiatrische aandoening en verblijft sinds 2000 in een instelling voor beschermd en begeleid wonen. De huisarts is de vaste huisarts voor bewoners van de instelling. Zij bezoekt de instelling eens per twee weken en daarnaast indien nodig. De huisarts wordt verweten dat zij bij patiënte een heupfractuur over het hoofd heeft gezien, zij ten onrechte uitging van een psychische oorzaak van de klachten van patiënte en dat zij patiënte en haar mentor dagenlang niet serieus heeft genomen.
RTG Amsterdam:
Verklaart de klacht ongegrond.
Zaaknummer
C2025/2977
Partijen
Klager / huisarts
Gemachtigde beklaagde
Mw. mr J.A. de Clerck
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een huisarts. De zaak gaat over de zorg die de huisarts heeft verleend aan de echtgenote van klager in de periode februari 2021 tot aan haar overlijden in mei 2021. Klager verwijt de huisarts dat hij a) geen zorgvuldig onderzoek heeft verricht en ten onrechte de diagnose hartfalen niet heeft gesteld, b) een kokervisie heeft gehad op het ijzergebrek en een maligniteit in de darmen, c) geen regie heeft gevoerd, geen verantwoordelijkheid heeft genomen en geen empathie heeft getoond en d) op 1 mei 2021 een teleconsult heeft aangevraagd, terwijl er sprake was van een medische noodsituatie.
RTG Amsterdam:
Verklaart de klacht ongegrond.
Zaaknummer
C2025/2952
Partijen
Dermatoloog / klager
Gemachtigde beklaagde
Mw. mr. H.B.M. Vrieling
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een dermatoloog. Klager wendde zich medio 2021 tot zijn huisarts in verband met pijn in de ellebogen en een wondje op zijn rechterhand dat steeds terugkwam. Klager had in het verleden lepra gehad en meende de huidige symptomen opnieuw als lepra te herkennen. Hij wilde uitgesloten (of bevestigd) hebben dat hij opnieuw aan deze ziekte leed. De huisarts verwees klager naar de dermatoloog. Klager verwijt de dermatoloog dat hij niet tijdig de diagnose lepra heeft gesteld.
RTG Amsterdam:
Verklaart de klacht gegrond; legt de dermatoloog de maatregel van berisping op; bepaalt dat deze beslissing, nadat die onherroepelijk is geworden, geanonimiseerd in de Nederlandse Staatscourant zal worden bekendgemaakt en ter publicatie aan het tijdschrift Medisch Contact zal worden aangeboden.
Zaaknummer
C2025/2975
Partijen
Klager / dermatoloog (zelfde partijen als in zaak C2025/2952)
Gemachtigde beklaagde
Mw. mr. H.B.M. Vrieling
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een dermatoloog. Klager wendde zich medio 2021 tot zijn huisarts in verband met pijn in de ellebogen en een wondje op zijn rechterhand dat steeds terugkwam. Klager had in het verleden lepra gehad en meende de huidige symptomen opnieuw als lepra te herkennen. Hij wilde uitgesloten (of bevestigd) hebben dat hij opnieuw aan deze ziekte leed. De huisarts verwees klager naar de dermatoloog. Klager verwijt de dermatoloog dat hij niet tijdig de diagnose lepra heeft gesteld.
RTG Amsterdam:
Verklaart de klacht gegrond en legt aan de dermatoloog de maatregel op van berisping, bepaalt dat de beslissing, nadat die onherroepelijk is geworden, zonder vermelding van namen of andere herleidbare gegevens in de Nederlandse Staatscourant zal worden bekendgemaakt en ter publicatie zal worden aangeboden aan het tijdschrift Medisch Contact.
Zaaknummer
C2025/2976
Partijen
Klager (zelfde klager als in zaken C2025/2952 en C2025/2975) / arts
Gemachtigde beklaagde
Mw. mr. H.B.M. Vrieling
Type zitting
Openbare zitting
Aard van de zaak
Klacht tegen een arts. Klager verwijt de arts dat zij niet tijdig de diagnose ‘lepra’ heeft gesteld en zich bovendien neerbuigend en discriminerend heeft uitgelaten onder meer in de brief aan de huisarts van klager.
RTG Amsterdam:
Verklaart de klacht kennelijk ongegrond.